![]() |
![]() |
|||
Zet de pomp uit en zet de 6-wegklep op BACKWASH en start de pomp. Laat de pomp net zo lang lopen totdat alle beads uit de doorzichtige bovenkap in beweging zijn gekomen
Stop de pomp en zet de 6-wegklep op RINSE (spoelen). Druk de hendel van de 6-wegklep krachtig naar beneden en draai hem in de betreffende richting. Laat de hendel los en controleer of deze in de juiste positie staat. In de RINSE stand zal er wat lucht ontsnappen naar de afvoer en wat water tijdens het gebruik van de luchtblower.
Sluit de aanzuigleiding(en) en start de blower en laat deze ongeveer 1 tot 2 minuten lopen. Tijdens het gebruik van de blower worden alle beads flink door elkaar gespoeld waardoor de opgevangen vuildeeltjes en de overtollige biofilmlaag worden losgespoeld voor het naspoelen (backwash). De lucht en de fijne vuildeeltjes worden via de 6-wegklep naar het riool afgevoerd.
Open nu de aanzuigleiding(en) weer, en laat de pomp zolang lopen dat de beads weer boven in het filter gedrukt worden.
Stop de pomp en zet de 6-wegklep op BACKWASH (naspoelen) en zet de pomp aan. Het water wordt nu in omgekeerde richting door het filter gestuurd en voert het los gespoelde vuil via de 6-wegklep naar het riool. Door het kijkglas aan de WASTE kant kunt u het spoelproces gemakkelijk volgen. Wanneer het water in het kijkglas helder wordt weet u dat het spoelproces is voltooid (1 tot 2 minuten)
Stop de pomp, zet de 6-wegklep op RINSE en start de pomp. Nu wordt het laatste vuil dat achtergebleven is in het filter via de normale weg afgevoerd naar het riool. Ook hier kan men deze spoelprocedure volgen in het kijkglas ( 1 tot 2 minuten)
Stop de pomp, zet de 6-wegklep op FILTER (FILTRATION) en zet de pomp weer aan. Voer deze spoelprocedure in de zomer 1 tot 2 keer per week uit en buiten het seizoen eens in de 1 á 2 weken.
De afvoerkraan in de voet van het filter kunt u 1 of 2 keer per maand een paar seconden openzetten om het vuil van de bodem weg te spoelen. Dit mag alleen met de zesweg kraan in de FILTER stand terwijl de pomp loopt en is dus geen vast onderdeel in de gewone spoelprocedure.